Shorttrack

Interview met Dordtse shortrackster Avalon Aardoom

Wie: Avalon Aardoom (21)
Wat: De van oorsprong Dordtse shortrackster schaatste op haar 14e haar eerste NK en rijdt sinds vier jaar aan de top. Op het NK 2018 werd ze 2e in het totaalklassement en 1e op de 1500 meter. Sinds deze zomer maakt ze deel uit van TeamNL. Begin 2019 hoopt ze zich te kwalificeren voor het EK Shorttrack (11-13 januari) in haar geboorteplaats.

Hoe ben je in de shorttrackwereld terecht gekomen?
Het zit in de familie, want mijn opa schaatste, mijn moeder was een shorttracker en mijn tante deed drie keer mee aan de Olympische Spelen. Ik ben opgegroeid op de ijsbaan. Mijn moeder gaf schaatstraining en vanaf mijn vierde ging ik vaak met haar mee. Toen al wist ik dat ik ooit wereldkampioen of Olympisch kampioen wilde worden. Op mijn achtste kreeg ik van mijn opa mijn eerste shorttracklessen. Langebaanschaatsen vond ik maar niets. Super saai, zoveel ronden rijden en die lange rechte stukken.

Was je altijd al zo snel?
Nee, want ik ben pas heel laat begonnen met groeien. Vorig jaar, ik was toen twintig, ben ik zelfs nog een centimeter gegroeid! Rond mijn veertiende was ik echt nog een klein meisje van 1.50 meter en 30 kilo. De meisjes om me heen werden allemaal groter en breder, maar ik bleef het kleintje in het veld en eindigde daardoor nooit echt hoog. Druk heb ik me er nooit om gemaakt. Ik dacht altijd: mijn tijd komt wel. En inderdaad: op mijn zestiende begon ik ineens te groeien en toen ging ik al snel iedereen voorbij.

Op je vierde verhuisden jullie uit Dordrecht. Toch is de stad een soort rode draad door je leven.
We verhuisden toen inderdaad naar Den Haag, maar in mijn tienerjaren reisde ik wel op en neer naar Dordrecht om bij Regionaal Talentcentrum Dordrecht te trainen. Op mijn zestiende werd ik aan mijn hart geopereerd; ik had al van jongs af aan een hartafwijking. Na de operatie moest ik een jaar revalideren en kon ik helemaal niets. Niet schaatsen, niet trainen, niet naar school. Ik heb me heel erg verveeld dat jaar. Toen ik eenmaal weer kon gaan trainen, ging ik meteen met sprongen vooruit. Ik ben toen terug naar Dordrecht verhuisd voor het schaatsen, maar op een gegeven moment kon ik me daar niet meer verder ontwikkelen. Daarom ben ik drie jaar geleden naar Heerenveen verhuisd om in Thialf te gaan trainen.

Was het wennen, van de Randstad naar het hoge noorden?
Ja, best wel, want het is hier heel dorps, rustig en afgelegen. Mijn vrienden en familie wonen in Den Haag en Dordrecht en omgeving. Ik kom er niet zo vaak, want met de trein is het hiervandaan echt een soort wereldreis. Maar veel tijd om het te missen heb ik eigenlijk niet, want ik heb het zo druk met trainen.

Hoe ziet een gemiddelde week van Avalon Aardoom eruit?
Op zondag zijn we vrij, als er geen wedstrijd is. En soms ook op zaterdagmiddag. De rest van de week train ik twee keer per dag. Ik sta om 7.00 uur op, ga trainen en ga om 11.30 naar huis om te lunchen. Daarna ben ik van 14.00 tot 17.00 uur weer op de schaatsbaan.

Wat is er qua schaatsen voor jou veranderd nu je deel uitmaakt van TeamNL?
De trainingen zijn aanzienlijk zwaarder en hebben veel meer impact op mijn lichaam. Ook is het veel professioneler. Je hebt een volledige staf om je heen die 24/7 voor je klaarstaat en er alles aan doet om je fit te krijgen en te houden. Ik hoef maar een pijntje te voelen en er staat een fysiotherapeut paraat. Wat ook nieuw voor me was, is dat alles bijgehouden moet worden. Elke training wordt geregistreerd en gemonitord en ik moet dagelijks hele vragenlijsten invullen: hoe ik heb geslapen, wat ik heb gegeten, hoe ik me voel, wat voor cijfer ik de training geef. Echt alles wordt vastgelegd.

Je bent net terug uit Calgary en Salt Lake City voor wereldbekerwedstrijden. Hoe was het daar?
Heel erg gaaf. Ik was drieënhalve week weg en het was voor het eerst dat ik zo lang van huis was. De dagen bestaan uit trainen en in de tussentijd de tijd doden; alles draait om de wedstrijden. Het voelt tijdens zo’n reis alsof je in een andere wereld bent waarin de tijd stil lijkt te staan. Je leeft in een soort bubbel.

Je shorttrackhelden van vroeger zijn nu je teamgenoten. Hoe is dat?
Suzanne, Yara, Lara, Sjinkie, daar keek ik altijd tegenop. Ik wilde terechtkomen waar zij waren. En nu ben ik daar zelf ook. Mijn coach vindt het allemaal de normaalste zaak van de wereld, maar zelf ik vind het toch nog steeds wel bijzonder. En ik kan zoveel van ze leren.

Hoe vind je het om half januari misschien het EK te kunnen rijden in ‘jouw’ Dordrecht?
Ik weet pas een week van tevoren of ik mee mag doen, want dan vindt het NK plaats en kan ik me kwalificeren. Ik hoop zo dat dat gaat lukken, want het zou vet cool zijn om in mijn geboortestad, waar ik ook nog jaren getraind heb, uit te mogen komen voor Nederland.

skyline-visual